Het grote voordeel van sociale media zoals Twitter en Facebook is dat je toegang hebt tot enorm veel informatie. Het grote nadeel is dat je toegang hebt tot enorm veel informatie. Een zegen en een vloek dus. De makke van een overvloed aan informatie is dat je soms door de bomen het bos niet meer kunt zien: wat van die informatie is steekhoudend? Hoeveel kan ik geloven en op basis waarvan?

Wat moet je bijvoorbeeld met de boodschap “hou je webteksten zo kort en bondig mogelijk” of “webteksten moeten zo lang mogelijk zijn”? Zowel de wellers als de nieters hebben geen greintje aantoonbaarheid voor hun uitspraak. Natuurlijk proberen ze het wel; “Onderzoek heeft uitgewezen…” of andersom “Een ander onderzoek daarentegen…” En meestal gaat dat op een toontje en met een wijzend vingertje. De woordkeuze is meester in deze. “Als dat zou kloppen dan zou iedereen het wel doen …” en andere dooddoeners vliegen door de panelen.

Eet géén voedsel! Levensgevaarlijk!

En dan de enorme hype over voedsel en gezondheid. De een zegt dit en de ander zegt dat, en ze hebben allemaal gelijk. Wat me opvalt is niet zozeer de verschillen van mening (die waren er altijd al) maar de manier van presentatie. Ik heb – mede in mijn vakgebied – geleerd dat de hardste schreeuwers (gebruik van veel hoofdletters, uitroeptekens maar ook veel stellige uitspraken) vaak het minst geloofwaardig zijn.

Een hond luistert alléén als je ‘m vol jenever giet!!!

Als je zeker van je zaak bent en dit met feiten (dus niet meningen) kunt onderbouwen, heb je geen harde taal, uitroeptekens en andere bekrachtigingen nodig. Nog ongeloofwaardiger is het als anderen naar beneden worden gehaald. Je ziet dat op veel verschillende gebieden gebeuren, of het nou om honden trainen gaat, om sport, voeding, gezondheid, internet of social media: bijna altijd zit er wel iemand tussen die het allemaal zeker weet, anderen afblaft of belachelijk maakt en vervolgens verdwenen is om elders te gaan staan schreeuwen. Dit soort mensen is vaak ook nog beledigd als er aan hun autoriteit wordt getwijfeld.

Een leuke test om te doen is tegen zo iemand zeggen: “Het is niet relevant wat jij ervan vindt” en dan de reactie peilen. Wie sterk staat, zal het weinig doen. Het zijn de lege hulzen die na zo’n opmerking afhaken of nog harder gaan blaffen.

Je weet toch onderhand ook niet meer wat je nou wel of niet?

Op zich kan het soms nog best vermakelijk zijn, die welles-nietes-spelletjes. Wat ik er jammer aan vind is dat sommige mensen zich daardoor laten afschrikken en maar niet meer gaan reageren, of zelfs geen vraag meer durven stellen. Ik kan het me wel voorstellen, maar ik vind het jammer. Op die manier lijkt het net alsof de hardste schreeuwers vaak ook nog gelijk krijgen.

Geef mij maar de twijfelaars, degenen die hun eigen mening durven herzien. Juist door hun moed, het durven twijfelen, zijn zij degenen die veel geloofwaardiger blijken. Is ook wel logisch natuurlijk: als ‘de wetenschap’ zich had opgesteld zoals sommigen nu doen, was de aarde nog steeds plat.

Ik ben, dus ik besta!

Er is inmiddels een enorme handel ontstaan in kreten.

  • Ieder pondje gaat door het mondje
  • Waar je aandacht aan schenkt, dat groeit
  • Geluk / gezondheid is een keuze! (zeg dat maar eens tegen een terminaal zieke)
  • Vlees is levensgevaarlijk
  • Een mens is een vleeseter
  • Melk is goed voor elk
  • Melk is niet goed voor volwassenen
  • Fake it ‘til you make it!
  • Blijf vooral jezelf!
  • Je moet altijd authentiek zijn
  • Enzovoort

Hier en daar wordt nog verwezen naar onderzoeken, maar vaak niet naar de opdrachtgever van die onderzoeken (wie betaalt, die bepaalt).

Al met al een kolkende soep van ideeën, meningen, opinies, van-horen-zeggen’s, betrouwbarebroninformatie, en hier en daar een klein stukje aantoonbaarheid. Vooral veel bangmakerij ook, en heus niet alleen van het RIVM.

Miljoenen voetbalcoaches, landbestuurders en andere deskundigen

Het stikt van de deskundigen, sinds we allemaal onze mening aan een groter publiek kunnen presenteren, net als dat het geval is bij een grote voetbalwedstrijd: miljoenen voetbalcoaches staan klaar om hun onfeilbare opstellingen (liefst achteraf) te presenteren.

De sociale media verworden hiermee deels tot een groot en lachwekkend welles-nietes-spel van kleuters in een zandbak.

Gelukkig is er tussen die kolkende modderstroom af en toe een mooie parel of diamant te ontdekken en het is heerlijk om die te vinden en eruit te pakken. Dat houdt voor mij de sociale media leuk. Een goed onderbouwd verhaal, gebaseerd op gedegen (liefst eigen) onderzoek, met ruimte voor meer invalshoeken. Of een heerlijk relativerend brok humor in een tekst, liefst volkomen onverwacht.

En stiekem geniet ik wel van het verschijnsel dat ik karma noem: taalpuristen die anderen op strenge toon verbeteren en daarbij zelf een spel- of grammaticafout maken. Ik blijf dat mooi vinden.

Wat vind je er nou eigenlijk zelf van? En mag dat wel van de deskundigen?

Het is – tussen al dat geroep – heel belangrijk om zelf te blijven nadenken en ontdekken wat goed voor je voelt.

Als je dat in de gaten houdt, komt het wel goed, is mijn stellige mening.

Ben of ken jij een social-media-blaffer?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *