Mentaal aikido bij spreekangst

Als je reactie op deze vraag is: “Dat is helemaal niet eng,”
dan kun je dit overslaan: je hebt het niet nodig. Voor de mensen die het koude
zweet uitbreekt bij het idee een presentatie te moeten geven: lees vooral verder,
ik heb iets leuks voor je.

Ik heb eerst een vraag aan je: is het per se noodzakelijk om
een presentatie te geven? Wordt het van je verwacht door je
werkgever/opdrachtgever? Kun je je dienst/product/jezelf alleen op die manier
voor het voetlicht krijgen?

Ik denk ik vraag het even, omdat ik veel mensen heb ontmoet
met presentatievrees of spreekangst bij wie na een paar vragen bleek dat ze
helemaal niet HOEFDEN te presenteren, maar dachten dat het nodig was omdat het
zo vaak werd aangeraden door verschillende (vaak zelfbenoemde) kenners van het
vak, en omdat ze het – volkomen ongegronde – idee hadden gekregen dat ze uit
hun ‘comfortzone’ moesten, en een beetje rap graag.

Denk je die opgeluchte, vrolijke snoetjes eens in van die
glunderende kanjers omdat ze ineens weer zelf gaan nadenken, in plaats van zich
gek te laten maken door anderen. We kunnen weer lekker doen waar we goed in
zijn en wat we wel leuk vinden.

Autonomie: hoera!

Maar wat als je toch: wat dan?

Maar wellicht is het toch handig, noodzakelijk of wenselijk
dat je presenteert, en dan is het lastig als je dat vervelend vindt. De meest
gehoorde redenen dat mensen presenteren spannend of ronduit doodeng vinden zijn
onder meer:

  • Bezwaar 1:
    Ik ben bang dat ik niet alles weet waarover ik praat, en dat er toehoorders
    zijn die het veel beter weten, meer ervaring hebben en dat die allemaal
    klaarzitten in het publiek om mij met een paar spitsvondige vragen of
    opmerkingen volkomen te verlammen
  • Bezwaar 2:
    Ik krijg het al benauwd bij het idee dat er straks zo’n hele zaal met mensen
    naar mij zit te kijken en dat men onmiddellijk ziet hoe zenuwachtig ik ben
  • Bezwaar 3:
    Ik ben bang dat ik er niet goed genoeg uitzie/niet goed beweeg/geen goede
    houding heb/niet de juiste kleren draag/te dik – te mager – te klein – te groot
    – te wit – te grijs – te grauw – te casual – te popperig ben/geen goede stem of
    het onjuiste accent heb, enzovoort.
  • Bezwaar 4:
    Ik kan me niet voorstellen dat er ook maar iemand zit te wachten op mijn
    verhaal
  • Bezwaar 5:
    Wedden dat ik na drie zinnen volkomen vastloop en met een enorme black-out
    onder luid gehoon en keihard huilend het podium verlaat?

Zo zijn er nog wel wat redenen waarom het beangstigend kan
zijn om jezelf voor het voetlicht te brengen. En natuurlijk zijn er eenvoudige
antwoorden op de hierboven genoemde bezwaren, alleen schiet je daar helemaal
niets mee op. Kijk maar:

  • Oplossing voor
    bezwaar 1: Niemand weet alles, en niemand verwacht ook dat jij alles weet
  • Oplossing voor
    bezwaar 2: Sommigen in het publiek zijn misschien nog nerveuzer dan jij, tussen
    al die mensen (“Wat als de spreker ineens naar mij kijkt of me een vraag stelt?”)
  • Oplossing voor
    bezwaar 3: Niemand geeft er uiteindelijk een bal om hoe dun, dik, lang of kort
    jij bent.
  • Oplossing voor
    bezwaar 4: Mensen zijn gek op verhalen, vooral als ze goed verteld worden
  • Oplossing voor
    bezwaar 5: Als je al vastloopt, neem je gewoon een slok water, kijkt even in je
    aantekeningen en gaat weer verder: niets wereldschokkends aan hoor

Nou, dat is nog best snel opgelost toch?
Nee, helaas. Het is net zoiets als: “Je moet het gewoon loslaten,” of “Afvallen
is heel simpel: gewoon minder eten en meer bewegen.” Als het woord ‘gewoon’ op
die manier wordt gebruikt weet je sowieso dat je advies krijgt van iemand die
niet weet waarover hij/zij praat. Anders zou hij/zij weten dat het niet zo ‘gewoon’
was.

Met andere woorden: als het allemaal zo makkelijk was, had
niemand problemen.

Rand- en kernproblemen

Het zijn ook allemaal randproblemen, hierboven genoemd. En
achter randproblemen schuilt altijd een kernprobleem. Dat werkt net als
onkruid: snij het af, brand het weg, overgiet het met azijn… geheid dat je na
een tijdje weer staat te snijden, branden of overgieten. Het is bijna niet uit
te roeien, tenzij je het met wortel en tak uitgraaft en volledig weghaalt.

Een kernprobleem is een probleem dat de randproblemen
draagt, als bladeren en takken aan een boom. Snoei de takken en je hebt nog
steeds een boom van een probleem. Zaag de boom om en je houdt een stronk met
wortels over; een prachtige voedingsbodem voor nieuwe loten, takken, bladeren.

Wat is het kernprobleem achter spreekangst?

Vaak is het de angst om jezelf te zijn. Dat kan in je jeugd
zijn ontstaan, of gaandeweg je leven zijn ontwikkeld, maar het komt erop neer
dat je de overtuiging hebt dat je niet goed genoeg bent zoals je bent.
En buiten, in de grote wereld, staan kuddes bereidwillgen klaar om je te helpen
die overtuiging in stand te houden en te versterken. Bij elk advies dat je –
vaak ongevraagd – krijgt wordt er eigenlijk gezegd: “Je doet het niet goed, je
bent niet goed, want je doet het niet op mijn manier en je bent niet zoals ik.”
En terwijl dat eigenlijk een enorm compliment is, wordt dat niet zo opgevat. Je
krijgt te horen wat er fout aan je is en dat het anders moet, anders … Ja:
anders wat?

Anders word je afgewezen. En daar hebben we direct een ander
groot, veel voorkomend en hardnekkig probleem te pakken: de angst voor afwijzing.
Veel mensen hebben er last van.

Stel dat je bereid bent om afgewezen te worden, dan zou er
een geheel onbekende, nieuwe en prachtige wereld voor je opengaan. Maar dat is
weer zo’n gewoon-advies: “je moet gewoon bereid zijn afgewezen te worden; dan
heb je verder nergens last van.”

Wat kun je dan wel doen?

Eerst een kleine test: sluit zo meteen je ogen en denk dan
ongeveer 10 seconden NIET aan het getal 318. Doe daarna je ogen weer open en
lees verder.

Zoals deze test laat zien is het verrekte lastig om je
gedachten te dempen of uit te schakelen. Dat is wat er gebeurt als je tegen
jezelf zegt: “Ik ben bang om in het openbaar te spreken, maar dat zou ik niet
moeten zijn”. Het werkt voor geen meter, dus probeer het eens andersom:

Zeg tegen jezelf (hardop of in gedachten): “Ik ben bang.”

Punt. Klaar.

Daarna gaan die gedachten gewoon weer verder en ben je nog
steeds bang, maar er is een subtiel verschil: ten eerste erken en bevestig je
de angst, en ten tweede probeer je die angst niet weg te duwen, te
overschreeuwen of anderszins te veranderen.

Ook al lijkt het verschil – nu nog – heel subtiel: het is
een enorme stap voorwaarts op het pad naar vrijuit spreken in openbaar.

Daarna kijk, voel, luister je. Waar voel je die angst in je
lichaam? Wat zijn de verschijnselen waardoor jij weet dat het angst is? Hoor je
er eventueel bepaalde woorden, zinnen, uitspraken bij? Bijvoorbeeld een ouder,
broer, zus, leraar of iemand anders die ooit (misschien herhaaldelijk) tegen je
zei dat je iets niet kon of dat je niet goed genoeg was?
Zie je er beelden uit je herinnering bij, van situaties waarin je angst werd
bewaarheid of bevestigd?

Als dat zo is – gevoelens, beelden en/of geluiden – laat die
dan eens rustig uitspelen, zonder te proberen ze ‘weg te krijgen’ of jezelf af
te leiden met je telefoon, een grapje, hapje of drankje of ineens heel druk met
iets anders bezig te gaan.

Laat toe

Zit, voel, luister en kijk. Zie, hoor en voel je angst en
stel je voor hoe het is om in het openbaar te spreken. Laat alles zoveel
mogelijk toe. Misschien voelt het in het begin heel oncomfortabel, of ronduit
vreselijk; probeer toch zo lang mogelijk dit te blijven ervaren. Neem in het
begin zo’n vijf minuten voor deze techniek, later kun je het opvoeren of juist
verkorten.

Dan kan er een aantal dingen gebeuren:

  1. je verliest je focus,
  2. de angst zwakt af of het verandert totaal niet,
  3. misschien wordt het zelfs even erger.

Wat te doen?

  •  Als je je
    focus verliest, trek jezelf weer ‘bij de les’ en ga verder.
  • Als je angst afneemt, probeer deze dan weer op
    te roepen of te versterken.
  • Als je angst niet verandert of zelfs verergert:
    heb geduld en hou vol (binnen de voor jou acceptabele grenzen natuurlijk; je
    hoeft jezelf niet ziek te visualiseren)

Wanneer je dit een paar keer doet, liefst verdeeld over een
aantal dagen of zelfs weken, elke dag een paar minuten, kan er iets wonderlijks
plaatsvinden: je angst wordt zachter, vriendelijker, rustiger en verdwijnt
uiteindelijk, waarna er hooguit nog een gezonde en niet onplezierige spanning
overblijft als je gaat spreken in het openbaar.

Dit kan maar op één manier slagen, namelijk als je ook echt
deze oefening regelmatig doet. Alleen het lezen, de herkenning of de ideeën die
je er misschien over hebt zullen je niet helpen. Dit is een echt doe-ding.

Mentaal aikido

Wat je met deze techniek doet is een vorm van mentaal
aikido: meegeven, versterken en ombuigen.

Er zijn nog wat manieren om met spreekangst om te gaan en
die zal ik in volgende artikelen bespreken, evenals de mentale aikido, maar dit
is een heel fijne manier om toe te passen en heel vaak ook afdoende.

 

Heel veel succes met je spreekbeurt!

 

 

Waarom is spreken in het openbaar zo eng?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *